Zaterdag 20 augustus was het zover: Ik ging mijn eerste 200+ tocht rijden. De DFVTC, een thuiswedstrijd. Vorig jaar ging die op het laatste moment niet door, dit jaar gelukkig wel. Rond 7.30 ging ik van huis vijf minuten later stond ik bij de Lampegiet. Erg druk was het niet, er stond wel een lange rij
. Maar goed die loste vrij snel op.
Transpondertje aan de fiets gezet, een paar mannen gevraagd of ze ook 210 gingen rijden en op weg maar. Tenminste dat dachten we...
Nadat we over de matten van de tijdregistratie waren gereden was er nergens een pijl te bekennen. Een aantal mannen ging de Duivenwal op, om het centrum heen. Ik heb maar de 'echte' route door het centrum genomen. Echte kasseien dus! Ik was wel gelijk mijn groepje kwijt.
Na een aantal kilometers alleen te hebben gefietst, werd ik vlak voor Ede weer ingehaald door hetzelfde groepje. Ik had ze al zien aankomen. In een lekker tempo, zo rond de 32 reden we richting Ede. Daar stond een volgende pijl, alleen de verkeerde kant op. Gelukkig was er een dame die de route vanaf de kaart al een keer had gereden, dus die loodste ons door Ede heen volgens de goede route. Ook in Wageningen was de bewegwijzering niet helemaal in orde. Grappige cafégangers, gewoon een suffende vrijwilliger, die de kaart verkeerd had vastgehouden? Geen idee, maar irritant was het wel.
Wellicht is het een nieuw toertochtconcept: Je geeft je op voor een toertocht, je spreekt af hoeveel kilometer je moet rijden, maar hoe je de route rijdt moet je zelf weten. Het moet wel gezegd worden, dat vanaf Wageningen de pijlen wel goed hingen of aanwezig waren.
Inmiddels werd het ook steeds een beetje warmer en doemde ook de eerste beklimminkjes op. De Wageningse Berg en daarna richting Renkum en daarna Oosterbeek. Via een aantal doorsteekjes kwamen we uiteindelijk uit op de N224, vanwaar we via de Schelmseweg richting de Emmapiramide reden. In een redelijk tempo ging het omhoog. De benen voelden goed, maar ik was niet van plan al helemaal te vlammen. Veenendaal was nog ver... Eenmaal uit het bos werden we beloond met doorkijkjes op de prachtig in bloei staande heide. (Maarten Tjallingii had het woensdag al getwitterd toen hij daar getraind had)
Boven op de Posbank was de eerste verzorgingspost. Geen wielervoer, maar 'gewone' reepjes, pakjes drinken en fruit. De bidon werd gevuld vanuit een enorme ton. Ik vroeg me nog wel af: Als er nu eens geen 300 maar 1000 mensen hadden meegedaan? Was dat dan genoeg geweest? As is verbrande turf zeggen ze wel eens, dus ook bij zo'n vraag moet je niet te lang stilstaan.
Na de stop (met een plas in de berm wegens het ontbreken van een toilet in de buurt) namen we de afdaling richting De Steeg. Mooi asfalt en lekker lang. Via de Schietbergseweg in Rheden gingen we vervolgens weer naar boven. Opnieuw de Emmapiramide over, om vlak voor de A50 rechtsaf te slaan richting Schaarsbergen.
Al snel kwamen we bij de splitsing, waar een aantal mensen van onze groep koers zette richting Ede/Veenendaal, terwijl de rest, die nu uit zeven man bestond, de weg naar Otterlo vervolgde. Een lang stuk. Ineens kwam daar Alexander den Dikken naar voren geschoven. Op zijn rug stond een lieveheersbeestje, dat ik ken van de stichting tegen zinloos geweld. Het geweld wat Alexander gebruikte was best zinvol: in een zeer hoog tempo, van rond de 38km/uur!
En toen was er koffie. In Otterlo, op een terrasje. Lekker een appelgebakje erbij, even plassen en bidonnetjes vullen en na een kwartiertje konden we weer verder.
De volgende kilometers waren nagenoeg vlak, met af en toe een kruising of een verkeerslicht. Een aantal mannnen deed om beurten kopwerk, een paar anderen reden lekker mee en zo onstond er langzaam maar zeker een soort ons kent ons gevoel. Grappig dat zoiets elke keer weer gebeurd. Inmiddels waren we door Voorthuizen heen gekomen, om Nijkerk heen gefietst en via Zwartebroek en Terschuur naar Barneveld gereden. Onderweg raapten we wat renners op, die kennelijk een kortere weg wisten, want gezien hun tempo en onze vroege start, leek het niet logisch dat zij al die tijd voor ons uit hadden gereden. Een paar jongens haakten aan bij de groep, maar opeens waren we er ook twee kwijt. We reden nog met z'n zessen.
Vlak voor Scherpenzeel was de tweede stop. We zaten toen op ongeveer 130 km. Opnieuw geen gelletjes e.d. maar snickers, marsen en andere dikmakende repen. Ook was er fruit en drinken. Eerlijk gezegd had ik wel sportvoeding verwacht vandaag, maar helaas. Dus ook hier valt er voor de organisatie nog wel wat te verbeteren.
Inmiddels zaten we alweer op de fiets. Hans de Graaf, die al vanaf de Posbank tegen kramp aanzat, twijfelde of hij bij Scherpenzeel zou afhaken en rechtdoor naar Veenendaal zou fietsen. Hij koos ervoor om mee te blijven rijden. Dus door naar Woudenberg. Na het centrum, waar een automobilist vooral naar links keek, maar ons van rechts niet zag aankomen (het liep goed af), ging het een stukje richting Zeist. Volgens de organisatie betekende het ontbreken van pijlen bij een kruising gewoon rechtdoor fietsen, maar dat was net buiten Woudenberg wel een beetje gewaagd. Want wat is rechtdoor als jouw weg uitkomt in een bocht? Opnieuw bracht het gezonde verstand en het kaartje uitkomst.
Nadat we Doorn waren gepasseerd, waarbij ik nog op de hielen werd gezeten door een enorme vrachtwagen, kwamen we in Langbroek. Daar ging het linksaf de binnenlanden in. Bij een kruising waar we naar rechts moesten afslaan, wees de pijl linksaf. Ik heb heel eigenwijs gezegd: we gaan rechts. En ja hoor, na een paar km zagen we de volgende pijl. Via Wijk bij Duurstede kwamen we op de dijk naar Amerongen. Daar ging de gaskraan nog maar een keer open. De teller stond inmiddels op 180 km.
Aan het begin van de beklimming van de Amerongse berg even naar de fans thuis gebeld. De twee oudste dochters wilden papa wel even aanmoedigen. Ik zou ongeveer 500 meter bij ons huis vandaan voorbijkomen. De afdaling van de Amerongse berg was als altijd: lekker hard naar beneden, boven de 60 per uur. Via de Haarweg, Slaperdijk, naar de Rondweg in Veenendaal. Vlak bij de Bergweg stonden Annemarie en Loïse al klaar. Als echte fans met opblaasklappers schreeuwden ze ons nog even moed in voor de laatste 25 km. Bij La Montagne ging het richting Elst, halverwege draaiden we de Defensieweg op. Normaal een klimmetje om lekker tegenop te knallen, nu maar even rustig naar boven. Inmiddels waren we de 200 km gepasseerd. Voor mij een psychologische grens. Dat had ik nog nooit gedaan op één dag. Ik voelde me ook nog steeds redelijk. En toch... De route zat bij mij niet echt meer in m'n hoofd, en ik was bang dat we linksaf zouden slaan, de Autoweg op. Maar dat viel mee, dacht ik...
In Rhenen ging het gelijk linksaf het Paardenveld op. Ik kan je vertellen, als je zo'n eind hebt gedaan, is dat niet heel grappig meer. Maar ook daar kwamen we allemaal weer boven. Na een halve afdaling mochten we kiezen: er waren twee pijlen, één naar rechts en één naar links. Links leek ons de meest logische, dus die hebben we maar genomen. Via de Bergweg, de Cuneraweg en vervolgens binnendoor naar de Wageningselaan. Ik was nog steeds in staat om wat kopwerk te doen. Ik was eigenlijk verbaasd over mezelf. Na een laatste bocht rechtsaf reden we op de Kerkewijk. Ruim 218 km fietsen in prachtig en zonnig weer zat erop! Alexander, Hans, Albert, de jongen uit Elspeet en de man uit Uchelen: bedankt voor de mooie dag! Ik ga graag nog eens met een groepje als dit een rondje fietsen.
Tenslotte: over de organisatie van de tocht is op de site van DFVTC al genoeg azijn gepist (excusez les mots), maar toch twee opmerkingen voor hen.
Betrek één of meerdere wielerverenigingen uit de omgeving om een en ander te organiseren, zij hebben een schat aan ervaring.
DFVC is geen klassieker met de uitstraling en status van de AGR of LBL om er maar eens twee te noemen. Het is een wedstrijd door een mooi stukje Nederland, die helaas door de UCI niet zo hoog is ingeschaald. Je kunt je dus ook niet met deze twee en andere grote koersen meten, de toertocht al helemaal niet.
Mocht het er volgend jaar weer van komen, vraag dan niet meer dan de helft van het bedrag dat dit jaar werd gevraagd, want dat was het wat mij betreft niet helemaal waard. Niet het kruis erover dus, maar goed nadenken hoe je van deze toertocht een mooie nazomerklassieker kunt maken!